Verankering van participatie rond betaalbaar wonen en gemeenschapsversterking in Huldenberg
In 2025 rondden we het project DorpsgeWOON af in Ottenburg (Huldenberg), gelegen in de dure druivenstreek. Het bleek een waardevol traject, waarin we inzicht verworven in hoe ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefbaarheid van dorpen en betaalbaar wonen mekaar beïnvloeden en hoe de gemeente hierin haar regierol kan versterken. Maar ook hoe lokale participatie en gemeenschapsversterking duurzaam kunnen worden verankerd in het gemeentelijk beleid.

Betaalbaar wonen krijgt een vaste plek in het beleid
We zorgden ervoor dat betaalbaar wonen als doelstelling werd opgenomen in het Masterplan leefbuurt Ottenburg: een traject van de Vlaamse bouwmeester i.s.m. de gemeente en de dorpsraad. Op basis van input van de bewoners werden waardevolle acties opgenomen zoals:
- bestaande woningen optimaal benutten op vlak van duurzaam ruimtegebruik en kwaliteit,
- een projectoproep voor eigenaars van leegstaande panden,
- het mogelijk maken van alternatieve woonvormen (bv. cohousing),
- het gebruik van de toolbox dorpse architectuur van AR-TUR om de dorpse kwaliteiten te bewaren bij verdichtingsprojecten,
- het werken met zgn. stedenbouwkundige lasten om de betaalbaarheid en leefbaarheid te sturen,
- …
Het Masterplan is een integraal plan met acties rond voorzieningen, groen en publiek domein, mobiliteit, …
Samenwerking over gemeentegrenzen heen
Betaalbaar wonen is een regionale problematiek. Om een intergemeentelijk aanpak mogelijk te maken, werd het ook een onderdeel van het strategisch project Walden. Dit project streeft naar ecologische verbindingen en robuuste openruimtestructuren in de regio Dijlevallei.
De voorbereiding van een woonbehoeftestudie – inclusief een brede inwonersbevraging – toont aan hoe essentieel een gedegen kennisbasis is voor de ontwikkeling van beleidsinstrumenten rond wonen en ruimtelijke ordening. Deze studie vormt het fundament voor de inzet van instrumenten voor betaalbaar wonen in het lokale woon- en ruimtelijk beleid, zo ook in Huldenberg. We deelden onze ervaring en bezorgdheden met de trekkers van Walden: de gemeentelijke diensten, de projectcoördinator Walden en de provinciale dienst wonen. Hun samenwerking waarborgt niet alleen continuïteit, maar ook dat de opgebouwde kennis lokaal verankerd blijft.
Participatie vraagt om maatwerk
Daarnaast ontdekten we dat participatieve processen enkel slagen wanneer ze vertrekken vanuit duidelijke randvoorwaarden, afgestemd op de schaal en identiteit van een dorp. In Ottenburg werd dit concreet gemaakt. We zagen hoe sterke gemeenschappen, bereikbare voorzieningen en lokale zorg onmisbare voorwaarden zijn voor duurzame woonprojecten. De uitbouw van de straatcontactenwerking bleek bijzonder waardevol: deze contacten vormden een fijnmazig netwerk voor informele ontmoeting, signalering, zorg en informatie-uitwisseling. Het is de aanzet voor de gemeente en lokale partners om de bestaande sociale netwerken duurzaam te verbinden en versterken.
In samenwerking met de diensten – Vrije Tijd, het Lokaal Dienstencentrum en het OCMW – werd een gezamenlijke denkoefening rond bewonersbetrokkenheid opgezet. Dat leidde tot diverse kleinschalige maar betekenisvolle acties. Bv. binnen de cultuurwerking, bij de ondersteuning en bredere inzet van brugfiguren, bij buurtgerichte acties van het Lokaal Dienstencentrum en de nauwere samenwerking tussen lokale actoren.
Verder bevestigden initiatieven zoals Dichter bij je buur, Buurtbabbels en het Burenboekje het belang van laagdrempelige ontmoeting. Straatcontacten functioneerden als antennes die signalen richting de gemeentelijke diensten doorgaven. Ook de dorpshuisactiviteiten bewezen dat een ontmoetingsplek méér kan zijn dan een sociaal knooppunt. Het kan een werkplaats worden waar bewoners gezamenlijk maatschappelijke uitdagingen aanpakken.

Wat nemen we mee naar de nieuwe projectregio?
Een belangrijk inzicht uit het traject was dat een visie op een veerkrachtige gemeenschap alleen effect heeft wanneer ze ook draagvlak vindt binnen het lokale bestuur. Sinds midden 2025 verkennen we als nieuwe projectlocatie de regio Aarschot, Scherpenheuvel-Zichem en Diest in het Hageland i.s.m. met het IGS Wonen aan de Demer. We zoeken hier verder mee naar duurzame oplossingen voor kwalitatieve verdichting, in combinatie met leefbare woonomgevingen, ruimtelijke kwaliteit en het realiseren van een aangepast, betaalbaar en kwaliteitsvol woonaanbod in de dorpen. Interessant in dit project is de wisselwerking tussen de stad en haar dorpen, bv. voor woonmobiliteit en de versterkte intergemeentelijke samenwerking van het IGS Wonen aan de Demer.
Als sector droegen we in 2025 bij aan de verkennende fase van het Plattelandspact. Dit pact zet in op versterkte samenwerking, participatie en transities die het platteland toekomstbestendig moeten maken tegen 2040. Het pact vormt bovendien de leidraad voor de verdere uitwerking van acties en beleidskeuzes op Vlaams niveau.