De federale regering wil het sociaal tarief voor energie hervormen. In het regeerakkoord werd afgesproken dat dit moet leiden tot een transparante, inkomens- en vermogensgebaseerde forfaitaire tussenkomst, die bovendien budgetneutraal is. Het is belangrijk dat een hervorming niet leidt tot een zwakkere bescherming. Daarom is een blijvende koppeling aan markttarieven aangewezen.
De energieopbouwwerkers van SAAMO richtten onderstaande boodschappen tot beleidsmakers. Zij vragen om actief betrokken te worden bij werkgroepen, hoorzittingen en wetgevend werk en reiken de minister van Energie graag de hand.
Oorspronkelijk wilde de minister van Energie eerst de impact van de invoering van ETS2 (een
koolstofheffing op aardgas en mazout) in kaart brengen. Dan kan er bij de hervorming van het sociaal tarief met het prijsverhogend effect rekening worden gehouden. Nu de invoering van ETS2 door Europa met een jaar werd uitgesteld tot 2028, lijkt die logica verlaten.
Sociaal tarief gekoppeld aan markttarieven beschermt tegen energiearmoede
Onder druk van de partij Les Engagés moeten de ministers van Energie en Sociale Zaken al tegen 1 juni een voorstel voorleggen. Die timing baart zorgen. Net als vele sociale organisaties, middenveldactoren en OCMW’s is SAAMO ongerust, zeker in een context waarin energieprijzen door de geopolitieke context opnieuw dreigen te stijgen.
Tijdens de vorige energiecrisis bleek nochtans duidelijk hoe cruciaal het sociaal tarief is in de bescherming tegen energiearmoede. Dat blijkt niet alleen uit onze praktijkervaring, maar ook uit rapporten van onder meer de Nationale Bank, de CREG en de Koning Boudewijnstichting.
Een hervorming richting een forfaitaire tussenkomst dreigt die bescherming te verzwakken, zeker als men tegelijk meer mensen wil bereiken binnen een budgetneutraal kader. Het huidige systeem, gekoppeld aan markttarieven, biedt een sterkere koopkrachtbescherming voor lage inkomens dan een forfaitaire energiepremie.
Aanbevelingen voor efficiënt beleid tegen energiearmoede
De aanbevelingen die SAAMO tijdens de hoorzitting in de commissie Energie (april 2024) formuleerde,
blijven dan ook onverminderd relevant:
1. Zorg voor een inkomensgebaseerd sociaal tarief
Voeg een inkomenscriterium toe als aanvullende voorwaarde zodat de steun gericht is op de laagste
inkomens. De inkomensgrens van de verhoogde tegemoetkoming is daarbij een rechtvaardige en
logische referentie.
2. Werk met een degressief systeem
Werk met een getrapt model in plaats van een alles-of-nietsbenadering. Naast het sociaal tarief voor de
laagste inkomens (inkomensdeciel 1 en 2), kan een “sociaal tarief light” ook inkomens net daarboven
(inkomensdeciel 3) ondersteunen.
3. Geef OCMW’s een Opt-in mogelijkheid
Laat OCMW’s tijdelijk het sociaal tarief toekennen aan gezinnen als het sociaal onderzoek uitwijst dat
dat nodig is, bijvoorbeeld voor gezinnen in collectieve schuldenregeling.
4. Ga voor maximale automatische toekenning
Het huidige systeem kent een hoge mate van automatische rechtentoekenning. Behoud en versterk dit. Non-take-up moet absoluut vermeden worden.
5. Garandeer een betaalbaar sociaal tarief
De accijnsverschuivingen en de invoering van ETS2 zullen een prijsverhogend effect hebben op het
sociaal tarief aardgas. Houd daarmee rekening. Het sociaal tarief moet effectief betaalbaar blijven.
6. Maak meteen ook klimaatwinst: verplicht groene stroom
Verplicht groene stroom voor contracten met sociaal tarief. Zo wordt sociale bescherming gekoppeld
aan klimaatwinst. Mensen met lage inkomens willen actief deelnemen aan de energietransitie. Zo neem je hen als overheid mee.
7. Zorg voor een vlotte leverancierswissel
Vermijd dat gezinnen maanden moeten wachten op de toepassing van het sociaal tarief bij een
leverancierswissel. Lange wachttijden met hoge voorschotfacturen kunnen hen in problemen brengen.
8. Geef rechthebbenden ondersteuning en voorrang in renovatieprogramma’s
Directe steun voor kwetsbare huishoudens moet hand in hand gaan met investeringen in een sociaal
rechtvaardig klimaatbeleid. Vertrek daarbij vanuit de noden van mensen in armoede en werk van
daaruit oplossingen uit, met bijzondere aandacht voor kwetsbare huurders op de private markt. Dit
vraagt een gecoördineerde aanpak over beleids- en bestuursniveaus heen.
9. Hervorm ook het CREG-tarief ‘niet-beschermde gedropte klanten’
De CREG berekent naast het sociaal tarief ook het “tarief voor niet-beschermde gedropte klanten”, het
zogenaamde ontradingstarief. Dit geldt voor gezinnen die door de commerciële leverancier worden
gedropt en bij de netbeheerder terechtkomen. In tegenstelling tot het sociaal tarief verschilt dit tarief per regio, omdat lokale netbeheerkosten worden doorgerekend. Gebruik de hervorming van het sociaal tarief om ook dit systeem te herbekijken. Het werkt immers niet ontradend, maar houdt mensen net langer in energiearmoede.
10. Bied prioritair hulpverlening aan gedropte klanten met sociaal tarief
Zorg ervoor dat huishoudens met een sociaal tarief die door betaalmoeilijkheden toch door hun
leverancier worden gedropt, snel begeleiding krijgen. Ondanks het lagere tarief komen zij immers vaak
in de problemen. Een hulpverlener of energiesnoeier kan ter plaatse de oorzaken van de
betalingsproblemen in kaart brengen en gepaste ondersteuning voorzien.