skip to Main Content

Solidariteit in de wijk Kronenburg | Joke en Hafida vertellen

Solidariteit Kronenburg

Hoe ontstaat solidariteit in een wijk? Opbouwwerkers Joke en Hafida van SAAMO Dinamo gingen een paar jaar geleden aan de slag in de wijk Kronenburg in Deurne-Noord. Ze brachten bewoners, scholen, het lokale dienstencentrum en anderen bij elkaar rond het thema delen met activiteiten zoals deelmaaltijden, een repaircafé of een mobiele kinderbib. Maar ontstaat er zo ook meer verbinding tussen mensen?  Joke en Hafida vertellen hoe ze het aanpakten.

En wat betekent dat voor wie er woont of werkt? Lees hier wat Hakima, Emiel, Siham en Karen er over vertellen.

Het verhaal van Joke en Hafida werd opgeschreven door Geert Schuermans van SAM, steunpunt Mens en Samenleving.

Kronenburg in Deurne-Noord is een wijk die zijn bewonersaantal sterk heeft zien stijgen. Dat maakt dat mensen er elkaar nog niet kennen. Bovendien worstelt Kronenburg met armoede en uitsluiting. Joke en Hafida van SAAMO deden daar iets aan: met een slimme cocktail van deelprojecten gaven ze solidariteit in de buurt een impuls.

Joke en Hafida zijn al jaren actief in Buurtwerk Dinamo. “Maar de laatste jaren hadden we misschien wat weinig aandacht voor Kronenburg. Doordat de drukke Bisschoppenhoflaan tussen het buurthuis en de wijk ligt, bestaat er een sterke fysieke grens. Met onze projecten doorbraken we die.”

Kronenburg

De opbouwwerkers maakten hun huiswerk. “Uit onze omgevingsanalyse blijkt dat Kronenburg een superdiverse wijk is,” vertelt Joke. “Volgens de stadsmonitor zijn mensen van Noord-Afrikaanse herkomst met net geen 30 procent de grootste groep. Het percentage autochtone Belgen ligt op 22 procent. Alle andere groepen zijn nog kleiner. Ook socio-economisch staat Kronenburg niet sterk. De werkloosheid bedraagt er 15 procent en de armoede ligt er hoog.”

“Wat huishoudens betreft, wonen er in Kronenburg veel gezinnen met kinderen. Dat maakt het des te problematischer dat de wijk amper groen of open ruimte heeft.”

“Bovendien verjongt de wijk zienderogen,” gaat Hafida verder. “Uit de bevolkingspiramide blijkt dat de buurt erg jong is in vergelijking met het stadsgemiddelde. Bovendien blijkt de verjonging van Kronenburg nog bezig. De bevolkingspiramide van de autochtone bevolking ziet er trouwens heel anders uit dan de piramide van mensen van buitenlandse afkomst: er wonen vooral oudere autochtone Belgen in de buurt, terwijl bij groepen met het andere herkomst het vooral over jonge mensen gaat en personen van middelbare leeftijd. Zij tellen erg weinig senioren. Wat huishoudens betreft, wonen er in Kronenburg veel gezinnen met kinderen. Dat maakt het des te problematischer dat de wijk amper groen of open ruimt heeft.”

Kronenburg deelt

Joke en Hafida besloten om in deze moeilijke context in te zetten op delen. Samen met Stadslab 2050 onderzochten ze hoe ook mensen in een kwetsbare positie mee kunnen helpen om van Antwerpen een delende stad te maken. “Delen is het kernwoord,” legt Joke uit, “omdat spullen delen zowel goed voor het milieu als voor je portemonnee is. Bovendien biedt het gelegenheid om een praatje te slaan met mensen die je nog niet kent.”

Wil je meer lezen over de deeleconomie voor mensen in een kwetsbare positie?
In Gedeelde Belangen bundelden we de resultaten van ‘delen’ in verschillende buurtwerken van SAAMO.

 

In eerste instantie organiseerden ze inspiratietafels, bijeenkomsten om te luisteren wat buurtbewoners van het concept delen vonden. Daaruit volgden een aantal deelmarkten en deelmaaltijden. “Uit die eerste gesprekken leerden we veel over wat er in de wijk leeft. Dat gezinnen nood hadden aan activiteiten voor hun kinderen bijvoorbeeld, of dat administratieve informatie onvoldoende bij de mensen geraakt.”

“Elk kind moet naar school”, leggen ze uit. “(…) Daarom leek het ons een goede plek om de deeleconomie uit te breiden.”

Als experiment gingen Joke en Hafida ook bij twee wijkscholen langs. “Elk kind moet naar school”, leggen ze uit. “Dat maakt scholen tot één van de weinige plekken waar allerhande soorten gezinnen elkaar tegenkomen. Daarom leek het ons een goede plek om de deeleconomie uit te breiden. De vraag was alleen hoe we dat het beste konden aanpakken.” Op de deelmarkten had Hafida gezien dat de boeken steeds snel weg waren. “Daar konden we iets mee.”

“Na een vruchtbare brainstorm bouwde één van onze vrijwilligers een bakfiets om met twee kastjes op kinderhoogte. Daarmee zetten we ons samen met twee vrijwilligers elke week aan de uitgang van twee buurtscholen. De leerlingen kunnen er door de kinderboeken gaan, er enkele kiezen, en uitlenen. Het systeem werkte en ook de scholen zijn enthousiast. Nu staat er in één van de scholen een permanente boekendeelkast en we merken dat ze steeds vaker naar ons toestappen. Zo hebben ze ons een tijdje geleden gevraagd om een uitleg over duurzaamheid te komen geven.”

Boeken

De bibliotheek die niet ver van Buurtwerk Dinamo ligt, zorgde met haar afgedankte exemplaren voor een dankbaar startkapitaal en na een tijdje begonnen ook buurtbewoners hun oude boeken aan de buurtwerking te schenken. “Dat gebeurde niet onmiddellijk”, weet Joke. “Maar als mensen zien dat je er iets moois mee doet, als ze je bezig zien… dan groeit dat. Ondertussen hebben we een collectie van meer 500 kinderboeken ter beschikking.”

Solidariteit Kronenburg
Na een vruchtbare brainstorm bouwde één van onze vrijwilligers een bakfiets om met twee kastjes op kinderhoogte. © Walter Busschots voor SAAMO

De gezinnen die aan een school een boek meenemen, moeten het terugbrengen, maar er staat geen inleverdatum op. “Dat deed sommigen in het begin wel aarzelen”, herinnert Hafida zich. “Krijg ik een boete als ik het boek te laat terugbreng? Wat als mijn zoontje het stukmaakt? Moet ik het dan betalen? We moesten de mensen daar wat over geruststellen. Hen vertellen dat als ze er wat op letten en het toch fout loopt, wij daar geen drama over maken. We noteren hun naam, telefoonnummer en het aantal boeken dat ze mee hebben. Niet om te controleren, wel om te zien of alles op lange termijn nog wel klopt. En dat is zo. Zo’n systeem gebaseerd op vertrouwen werkt. Dat is toch fijn!”

Ondertussen gaat het boekdelen verder dan alleen de scholen. “Met de financiële steun van het district Deurne overtuigden we enkele buurtbewoners om een bibkastje voor hun deur te installeren,” vertelt Joke. “Zij zoeken boeken en onderhouden hun kastje. We zijn ervan overtuigd dat dit tot meer gesprek tussen buurtbewoners zal leiden.”

Karen aan haar bibkastje.

 

Babbeltjes

Net als de meeste activiteiten van Buurtwerk Dinamo draait de boekdeelbakfiets op vrijwilligers. Ze staan elke week trouw op post aan de schoolpoort. “Anja wil iets voor haar wijk doen, net als Kris, een alleenstaande man uit de buurt. Ze doen dat geweldig. Terwijl zij zich met de boeken bezig houden, hebben Hafida en ik tijd voor onze babbeltjes met de ouders.”

‘Babbeltjes’ klinkt misschien vrijblijvend, maar uit het verhaal van Joke blijkt al snel dat deze gesprekken de basis van hun werk vormen. “De solidariteit in een wijk opkrikken, gaat niet vanzelf. Dat is een ambitieuze doelstelling die tijd vraagt. Vooraf een welafgelijnd stappenplan uittekenen is zinloos. Je kan niet zeggen: ‘We beginnen hier en binnen een jaar zullen we daar staan.’ Zo gaat dat eenvoudigweg niet. Wil je te snel gaan, dan zal je zien dat alles binnen de kortste keren weg is. Dan is al je moeite voor niets geweest. Je tijd nemen is gewoon het efficiëntste.”

Solidariteit Kronenburg
‘Babbeltjes’ klinkt misschien vrijblijvend, maar uit het verhaal van Joke blijkt al snel dat deze gesprekken de basis van hun werk vormen. © Walter Busschots voor SAAMO

Hafida bevestigt dat. “Aan de schoolpoort merken we dat mensen niet onmiddellijk het achterste van hun tong laten zien als ze ergens mee zitten. Over problemen durven ze soms pas na een half jaar te vertellen. Daarom moet je week in week uit, je kop laten zien. Mensen aanspreken. Het met hen over het weer en de kinderen hebben. En op de duur kom je zaken te weten. Een man heeft problemen met zijn huurcontract. Die sturen we naar de activiteit Koffie & Formulieren in het buurtwerk. Een vrouw wil Nederlands leren. Haar verwijzen we naar 2-Spraak om te oefenen… Je hoort echt vanalles. Soms ook erg pijnlijke zaken. Onlangs vertelde een dame me hoe ze in een gewelddadig huwelijk vast zit. Dat is heel confronterend. Ik heb haar naar het CAW doorverwezen.”

“Dat Hafida een mondje Arabisch spreekt, helpt heel erg”, vult Joke aan. Het is al zo moeilijk om je over je schaamte te zetten. Als de taal dan ook nog een drempel is, vertellen mensen zeker niet waar ze mee zitten. Het gevolg daarvan is dat dingen blijven etteren en het steeds moeilijker wordt om met oplossingen te komen. Daarom is meertaligheid echt een must.”

Ruimtes openstellen

Ook in het naaiatelier staan de babbeltjes centraal. “Ik kan helemaal niet naaien”, lacht Hafida. “Een vrijwilligster geeft de lessen zodat ik naar het verhaal van de mensen kan luisteren. Ik geef antwoord op hun vragen en als ik het niet weet, verwijs ik hen naar de juiste dienst door. Een aantal mensen van het naaiatelier kende ik trouwens al. Het zijn moeders die we aan de schoolpoort hiervoor warm maakten. We proberen altijd de verbinding te leggen tussen onze verschillende activiteiten.”

“Het is een ander principe, dat we proberen om de bestaande plekken in de buurt open te stellen voor bewoners die er normaal niet komen. Tegelijk leggen we de verbinding met de mensen die er wel al komen.”

“In Kronenburg zijn er weinig openbare ruimtes waar mensen elkaar kunnen ontmoeten”, vult Joke aan. “Daarom hanteren we een ander principe. We proberen om bestaande plekken in de buurt open te stellen voor bewoners die er normaal niet zouden komen. Tegelijk leggen we de verbinding met de mensen die er wel al komen. Zo hadden we het naaiatelier kunnen laten plaatsvinden in het parochiecentrum, ons epicentrum in Kronenburg. Maar dat hebben we bewust niet gedaan. Het naaiatelier vind je nu in de cafetaria van het lokale dienstencentrum. En tegelijk gaat er de line dance door. Tijdens de pauze zie je dan de cursisten en de bewoners van het dienstencentrum elkaar besnuffelen.”

Solidariteit Kronenburg
Een deelmaaltijd in het parochiecentrum. © Walter Busschots voor SAAMO

“We organiseerden daarom ook al een repaircafé in het lokale dienstencentrum”, gaat Hafida verder. “Dat lokt opnieuw mensen die daar normaal niet komen. Tegelijk wisten de meeste bejaarde bewoners niet wat een repaircafé was. Eerst waren ze wat wantrouwig, tot plots iemand zijn defecte rollator aanbood. Toen die gemaakt was, gingen ook anderen naar hun kamer en kwamen terug met kapotte spullen om te laten maken. Het zijn ook momenten waarop je ziet dat mensen die elkaar nog niet kennen, een praatje met elkaar slaan.”

Corona

Net als voor iedereen was de pandemie voor de inwoners van Kronenburg een erg moeilijke periode. ‘In uw kot blijven’ is niet zo makkelijk als je slecht en klein behuisd bent. De medewerkers van Dinamo probeerden daar een mouw aan te passen. Zo installeerden ze “de blijde weide” waar kinderen konden spelen op het grasveld van de parochie. Voor de volwassenen was er ondertussen materiaal en uitleg voorzien om voor zichzelf of voor anderen uit de buurt mondmaskers te maken. Voor thuis kregen ze zaadjes mee om te zaaien voor de samentuinen van de verschillende buurtwerken.

‘In uw kot blijven’ is niet zo makkelijk als je slecht en klein behuisd bent.

Joke en Hafida kregen tijdens de pandemie van veel mensen te horen dat ze zich eenzaam voelden. Daarom lieten ze Fatinha Ramos, een bekende illustratrice, een tekening maken die ze op vier populaire plaatsen in de wijk gaan ophangen. Op de kaartjes staan dingen die de afgelopen jaren in Kronenburg gebeurden. Er zijn ook kaartjes van de tekening, die buurtbewoners kunnen meepakken om er een boodschap op te schrijven en bij hun buren op de bus te doen. Op die manier kunnen buurtbewoners op een veilige manier contact met elkaar houden.

Solidariteit in de wijk Kronenburg

De illustratie van Fatinha Ramos hangt binnenkort op 4 plaatsen in de wijk en wordt gedrukt op postkaartjes die bewoners elkaar kunnen sturen. © Fatinha Ramos

 

Werkgroep Kronenburg

Al deze ontmoetingsmomenten zijn een middel tot één doel: de creatie van solidaire netwerken in de buurt. Doordat mensen elkaar via allerhande fijne activiteiten leren kennen, zullen ze elkaar op moeilijkere momenten steunen. “Daar wordt een buurt als Kronenburg alleen maar sterker van.”

“Het is geen buurtcomité vol oudere witte mannen.”

Joke en Hafida willen dat al het werk dat ze met veel anderen deden, een basis kan zijn om op verder te bouwen. Werkgroep Kronenburg moet de motor van de buurtsolidariteit worden. “In onze gesprekken met mensen nodigden we hen uit om aan de werkgroep deel te nemen”, legt Hafida uit. “De werkgroep moet de plek worden van waaruit alles vertrekt. Het is geen buurtcomité vol oudere witte mannen. Het is net heel divers. We hebben een dame en twee heren van de OKRA, maar ook veel jonge mama’s met een familiale migratieachtergrond. We willen ook niet enkel klagen bij het stads- en districtsbestuur, maar eigen oplossingen aanbrengen voor onze besognes.”

Meer dan sociale cohesie

Uit gesprekken die beide opbouwwerkers in de wijk voerden, blijkt dat mensen gekende buurtgenoten helpen als dat nodig is, maar dat voor iemand nieuw in de buurt, de drempel veel hoger ligt. “De meeste Marokkaanse vrouwen in de buurt hebben een breed netwerk waarop ze kunnen terugvallen,” legt Hafida uit, “maar voor de Pakistaanse vrouw die pas in Kronenburg is komen wonen, is dat bijvoorbeeld veel minder het geval. Het is dus een kwestie om haar netwerk te vergroten en versterken.”

Maar Joke en Hafida benadrukken dat het over meer gaat dan over het versterken van de sociale cohesie en netwerkgericht werken. De resultaten spreken voor zich. “We zien dat mensen nu beter weten waar ze met hun administratie naartoe moeten. Via Ieders Stem Telt, een campagne in voorbereiding van verkiezingen, gaven we vorming in de wijk over politiek en verkiezingen. We spoorden mensen aan om naar de infosessies over de Oosterweelverbinding te komen. We brachten hen in contact met de bevoegde plangroepen en ontwerpteams van De Grote Verbinding.

Het blijkt dat gekende buurtgenoten elkaar helpen als dat nodig is, maar voor iemand die nieuw is, ligt de drempel veel hoger.

Hafida wijst op nog een andere belangrijke verwezenlijking. “We merken dat bij tal van instanties belletjes beginnen rinkelen om mee outreachend te werken. Daar zijn onze inspanningen zeker niet vreemd aan. Zo zijn Stadsmakers en het district hun werking komen uitleggen op werkgroep Kronenburg. Buurtsport heeft dat ook gedaan. Samen met de werkgroep hebben zij ook een stratenloop georganiseerd in de wijk.”

Als het over de toekomst gaat, benadrukt Joke dat het zaak wordt om de nieuwe sterke verbinding tussen Kronenburg en Buurtwerk Dinamo in stand te houden. “We leerden dat dit niet vanzelf gebeurt. Je moet er actief op inzetten.”

Back To Top